Wat zijn injectiespuiten met naald?
Drie onderdelen, meer is het niet: een cilinder met maatverdeling, een plunjer met zuigerstop en vooraan een conus met luer-aansluiting. Voor die cilinder pakken fabrikanten bijna altijd polypropyleen, een helder kunststof waardoor je de vloeistof gewoon ziet zitten.
Ruim 30 artikelen staan er in deze categorie. Je vindt er spuiten van 1 ml tot 10 ml met naalden van 20 G tot 30 G, plus een spuit met een stompe opzuignaald van 18 G.
Maten, inhoud en gauge van een injectiespuit met naald
Hoe hoger het gauge-getal, hoe dunner de naald.
Kenmerk | Waarden in dit assortiment |
|---|---|
Inhoud cilinder | 1 ml, 2 ml, 3 ml, 5 ml en 10 ml |
Naalddikte (gauge) | 18 G (stomp), 20 G, 21 G, 22 G, 23 G, 25 G, 26 G, 27 G en 30 G |
Naaldlengte | 10 mm, 12 mm, 13 mm, 16 mm, 25 mm, 32 mm, 38 mm en 40 mm |
Materiaal cilinder | polypropyleen |
Aansluiting | Luer Slip of Luer Lock, naald voorgemonteerd of meegeleverd |
Een dikkere naald zoals 21 G (0,8 mm) x 40 mm geeft minder weerstand bij stroperige vloeistoffen. Een fijne naald zoals 27 G x 13 mm geeft juist meer weerstand, waardoor opzuigen en injecteren langer duren. Let op: een kleine cilinder leest nauwkeuriger af dan een grote bij dezelfde dosis.
Is de keuze van de naald afhankelijk van de injectieplaats?
Ja, de keuze van de naald hangt af van de injectieplaats: de toedieningsweg bepaalt de naaldlengte. En de vloeistof en het weefsel bepalen de gauge. Het protocol van je instelling is leidend.
Korte naalden van 10 mm tot 16 mm sluiten aan bij oppervlakkige toediening. Langere uitvoeringen van 32 mm tot 40 mm zijn bedoeld voor diepere weefsellagen. De WHO-richtlijn veiligheidsspuiten adviseert spuiten met veiligheidsmechanisme voor intramusculaire, intradermale en subcutane injecties in de zorg, om prikaccidenten en hergebruik tegen te gaan.
- Bepaal eerst de toedieningsweg volgens protocol.
- Kies daarna de naaldlengte in millimeter.
- Stem de gauge af op de dikte van de vloeistof.
- Kies de kleinste cilinder waarin de dosis past.
Veiligheidsnaalden en uitvoeringen in het assortiment
Een veiligheidsnaald heeft een mechanisme dat de naaldpunt na gebruik afschermt, zodat prikaccidenten minder kans krijgen. Dat gebeurt met een klepje, een huls of een intrekkende naald, afhankelijk van het model.
In het assortiment vind je Terumo, Nipro, de BD-lijnen Plastipak, Emerald, Discardit, SafetyGlide en Eclipse, en Omnifix F en Omnican F van B. Braun. Veiligheidsuitvoeringen zijn BD SafetyGlide en BD Eclipse. Becton Dickinson levert onder meer driedelige spuiten met een voorgemonteerde BD Microlance 3-naald. Driedelig betekent: cilinder, zuiger en zuigerstop, met een soepelere loop dan een tweedelige spuit.
Normen en steriliteit van injectiespuiten met naald
Een steriele injectiespuit met naald voor eenmalig gebruik valt onder NEN-EN-ISO 7886-1. Deze norm stelt eisen aan het ontwerp en de testmethoden van lege, steriele kunststof wegwerpspuiten, met of zonder naald.
Voor de naald zelf geldt NEN-EN-ISO 7864, die eisen beschrijft voor steriele hypodermische naalden voor eenmalig gebruik in metrische maten van 0,18 mm tot 1,2 mm. Insulinespuiten vallen buiten 7886-1 en hebben een eigen norm. Op de producten in deze categorie staat de aanduiding EN ISO 7886-1 vermeld.
Steriliteit staat of valt met de verpakking. Gebruik een product niet wanneer de blister geopend, gescheurd, doorboord of vochtig is. Spuiten uit deze norm zijn bedoeld voor gebruik direct na vullen, niet voor opslag van medicatie.
































